dinsdag 3 november 2026

Groot vingermos.

Groot vingermos ( Physcia stellaris )


Het Groot vingermos is een zeldzame korstmossoort in Nederland. 


Deze twee zeldzame exemplaren zaten in de kruin van een ruwe berk. 
Omdat de berk door een storm was omgevallen, werden deze twee gevonden."


Je herkent Groot vingermos, aan de hand van de volgende specifieke veldkenmerken: 


• Geen sorediën of isidiën:
 Het belangrijkste kenmerk is dat de lobben volledig glad zijn. Er zijn geen korrelige (sorediën) of uitstulpende (isidiën) structuren voor ongeslachtelijke voortplanting aanwezig.


• Rijkelijk voorzien van apothecia:
 Omdat de soort geen sorediën heeft, plant zij zich bijna uitsluitend seksueel voort via sporen. De rozetjes zitten daarom vrijwel altijd vol met apothecia (apotheciën). Dit zijn schotelvormige vruchtlichamen met een donkerbruine tot bruinzwarte schijf en een rand in de kleur van het thallus.


Bij korstmossen zoals het groot vingermos wordt het hele plantachtige lichaam het thallus genoemd. Omdat de lobben vanuit een centraal punt naar buiten groeien en zo een cirkel vormen, heeft het thallus van deze soort een rozetvormige groeiwijze.


Omdat groot vingermos (Physcia stellaris) geen sorediën of isidiën heeft voor ongeslachtelijke voortplanting, zie je de apotheciën bijna altijd in grote getale op het thallus zitten.











Ook andere korstmossoorten groeien er op de dunne takken in de top van de ruwe berk 
Gebogen schildmos, Heksenvingermos, Gewoon purperschaaltje, Melig schotelkorst, Gestippeld schildmos en Witte schotelkorst. 
Terwijl je op de stam van een ruwe berk weinig korstmossen tegen komt








Op het Gewoon purperschaaltje (Lecidella elaeochroma) zitten heel opvallende apotheciën, die eruitzien als de zwarte stippen of knopjes op de gladde, korstvormige ondergrond.
Van een afstandje lijken de schijfjes pikzwart. Als je er met een loep goed naar kijkt in het zonlicht, zie je soms een heel subtiele, purperen (paarsachtige) glans. Hier heeft het korstmos zijn naam aan te danken.









Boven in de boomtop zijn de takken echter nog jong, glad en minder zuur. Bovendien vangen de takken in de kroon de maximale hoeveelheid licht, zon en wind op. Dit zijn exact de omstandigheden waar soorten zoals het groot vingermos, de melige schotelkorst en het gewoon purperschaaltje dol op zijn. 
Een storm die een boom velt, opent letterlijk een venster naar een verborgen miniatuurwereld die normaal tientallen meters boven ons hoofd leeft!















 

maandag 2 november 2026

Schrift'achtige korstmossen

De 'runenkorst' 'schriftmos' en 'amoebekorst' zijn alle korstmossen met een 'schrift'achtige of grillige verschijningsvorm die uitsluitend leven op de gladde bast van bomen en struiken.

Ze danken hun (volks)namen aan de opvallende, donkere vruchtlichamen (apotheciën of lirellen) op hun oppervlak. Deze zijn niet mooi rond, maar langwerpig, vertakt of stervormig. Hierdoor lijken ze op oude runentekens, hiërogliefen (schrift) of 'in het geval van de amoebekorst' op de grillige vorm van een amoebe.


Het zijn allemaal korstvormige korstmossen. Dit betekent dat ze als een flinterdun, vlak laagje (plakje) volledig met de ondergrond zijn vergroeid en er niet zonder beschadiging af te halen zijn.


Het openen van de lirellen zorgt ervoor dat deze korstmossen hun sporen kunnen verspreiden.
Dit mechanisme werkt zo bij 'schrift'-achtige korstmossen zoals het schriftmos, de runenkorst en de amoebekorst:


Het vruchtlichaam (de lirelle) ontwikkelt zich binnenin het korstmos. Hierbij breekt het thallus (de bovenlaag) open om de lirelle door te laten.


In de lirelle produceert de schimmel zijn sporen. Waar eerst twee strak gesloten, donkere randen zichtbaar waren, wijken de lippen open zodra de sporen rijp zijn.


Hierdoor komt de sporenschijf (het hymenium) bloot te liggen, waarna wind of regen de sporen verspreidt naar andere boomstammen.




Gewoon schriftmos - Graphis scripta
Geel schriftmos - Alyxoria ochrocheila
Amoebekorst - Arthonia radiata
Roze runenkorst - Phaeographis smithii
Rivierschriftmos - Alyxoria culmigena
Witte runenkorst - Phaeographis dendritica
Kort schriftmos - Alyxoria varia
Zwart schriftmos - Arthonia atra Muurschriftmos - Arthonia calcarea


Sommige van deze soorten zijn algemeen en sommige zeldzaam.











Amoebekorst - Arthonia radiata

Witte, korstvormige soort met vlek- of stervormige, zwarte apotheciën op bomen met gladde schors. De soort groeit in het algemeen op lichtrijke plekken. 










Schriftmos onbekend
 (vaak aangeduid als Opegrapha spec. of Lichenes sp.) is een korstmos waarvan de exacte soort op basis van een foto of veldwaarneming niet met honderd procent zekerheid is te bepalen.


Runenkorst onbekend
 (vaak aangeduid als Phaeographis spec.) is een korstmos waarvan de exacte soort niet direct met het blote oog te determineren is. 


Net als schriftmossen vallen runenkorsten op door hun langwerpige, donkere sporendosissen die lijken op oude lettertekens (runen).





Runenkorsten hebben vaak iets dikkere, plattere of meer in het thallus (de plantenmassa) verzonken vruchtlichamen (lirellen) dan schriftmossen.






Microscopisch onderzoek of chemische tests zijn vaak nodig om een schriftmos of runenkorst tot op naam te brengen.




Schriftmossen danken hun naam aan de langwerpige, kronkelige vruchtlichamen (lirellen) die op spijkerschrift lijken.






In tegenstelling tot schriftmossen en runenkorsten is de amoebekorst door zijn unieke, stervormige zwarte vlekjes vaak al goed op basis van een scherpe foto te determineren.